Hoe de huisdiergeluiden van de Beach Boys de muziek voor altijd veranderden

6

Het is moeilijk te overschatten wat er in 1966 gebeurde. De Beach Boys brachten Pet Sounds uit en de muziekwereld veranderde niet zomaar. Het brak open. Brian Wilson maakte een plaat die zowel vreugde als angst uitstraalde. Het was niet alleen popmuziek. Het was een studio-experiment verpakt in harmonieën. Hits als ‘Wouldn’t It Be Nice’ en ‘God Only Knows’ klinken vandaag de dag nog steeds fris. Maar de impact ging veel verder dan grafieken.

Paul McCartney noemde het de katalysator voor Sgt. Pepper’s Lonely Hearts Club Band. Dat is geen hype. Dat is een historisch feit. McCartney hoorde het werk van Wilson en besefte wat popmuziek zou kunnen worden. Hij luisterde niet alleen. Hij maakte aantekeningen.

“Pet Sounds” was het album dat alles veranderde.

Het album arriveerde als een bitterzoete pastiche van liedjes. Wilson gelaagde zang met ongebruikelijke instrumenten. Hij verlegde grenzen. Critici wezen het aanvankelijk van de hand. Fans waren in de war. De tijd bewees dat ze ongelijk hadden. De plaat wordt nu erkend als een meesterwerk van studioproductie. In 2005 voegde de Library of Congress Pet Sounds toe aan de National Recording Registry. Het staat daar naast andere cultureel belangrijke werken.

Waarom doet dit er nu toe? Het album blijft een toetssteen voor producers. Songwriters bestuderen nog steeds de arrangementen. Het geeft antwoord op de vraag hoe popmuziek zowel commercieel als artistiek kan zijn. De Beach Boys bewezen dat het allebei kan.

De erfenis van Pet Sounds valt niet te ontkennen. Het heeft generaties beïnvloed. Het veranderde de manier waarop we luisteren. De invloed van het album reikt verder dan zijn tijdperk. Het creëerde een nieuw vocabulaire voor popmuziek. Deze woordenschat wordt vandaag de dag nog steeds gesproken.